Wanneer begint de bevalling?

 

Weeën

In de meeste gevallen begint de bevalling met (onregelmatige) weeën. De baarmoeder is een spier. Hormonen, oxytocines, zorgen ervoor dat de baarmoeder gaat samentrekken. Tegen het einde van de zwangerschap kunt u harde buiken krijgen en wanneer die pijnlijk worden spreken we van voorweeën. Deze zijn noodzakelijk; ze zorgen voor verweking van de baarmoedermond. Voorweeën kunnen echter ook weer stoppen en een aantal dagen later weer beginnen. Dit komt vaker voor als u al een keer eerder bevallen bent. Bij het begin van de bevalling zijn de weeën meestal nog onregelmatig en niet zo pijnlijk. Als de bevalling echt gaat doorzetten merkt u dat de weeën vaker gaan komen, langer duren en steeds pijnlijker worden. De eerste weeën zorgen voor verweking van de baarmoedermond. Er treedt over het algemeen ontsluiting op als de weeën regelmatig komen, een minuut lang duren en flink pijnlijk zijn.
Bij de allereerste weeën is het verstandig om deze zolang mogelijk te negeren. Blijf gewoon de alledaagse dingen doen en ga vooral niet in bed liggen denkend dat de bevalling met zekerheid begonnen is. Bij deze gedachte kan de bevalling heel lang gaan duren. 

Tijdens de ontsluiting zijn er verschillende soorten weeën: rugweeën, buikweeën en beenweeën. Tijdens de ontsluiting is het vaak even zoeken welke houding het meest prettig is om de weeën op te vangen. Liggend, zittend, staand, hangend aan uw partner, alles kan en mag. De verloskundige, verpleegkundige, arts of kraamverzorgende kan u adviezen en tips geven over uw houding en ademhaling.

Warmte en ontspanning zijn erg belangrijk tijdens de ontsluiting. Bij spanning, stress of kou komt het hormoon adrenaline vrij, dit hormoon is een tegenpool van oxytocine, waardoor de weeën kunnen afnemen. Dit is natuurlijk niet de bedoeling! Een warme douche of warm bad kan ook de scherpe kantjes van de pijn halen. Houd de omgevingstemperatuur rond de 21 graden Celsius en probeer (teveel) prikkels te vermijden.

Soms kan het zo zijn dat ondanks alles de weeën niet sterk en effectief genoeg zijn. In dat geval zal ook de ontsluiting niet genoeg vorderen en kan het zijn dat u een infuus nodig voor ondersteuning van uw eigen weeen met kunstmatige oxytocines. 

 

Breken van de vliezen

In 10% van de gevallen begint de bevalling met het breken van de vliezen. Vaak is het heel duidelijk wanneer u vruchtwater verliest, u heeft een maandverband nodig om het op te vangen. Het is belangrijk om op de kleur van het vruchtwater te letten. Helder vruchtwater is vaak kleurloos, roze of zoals ananassap, vaak zitten er witte vlokjes in. De beste manier om de kleur te bekijken is om een maandverband uit het kraampakket in uw onderbroek te doen.

Groen of bruin gekleurd vruchtwater heet ‘meconiumhoudend vruchtwater’. Het betekent dat de baby in het vruchtwater heeft gepoept. Het is in dit geval belangrijk direct uw verloskundige of gynaecoloog in te lichten.

Soms is het niet zo duidelijk of het om vruchtwater gaat of om meer afscheiding of urineverlies, wat heel normaal is op het einde van de zwangerschap. Over het algemeen verliest u vruchtwater niet in één keer, maar blijft het de hele dag komen als u opstaat, gaat zitten, lacht of hoest. Als u niet zeker weet of het om vruchtwater gaat, neem dan contact op met uw verloskundige.

 

Slijmprop

De slijmprop is zoals de naam het al zegt een prop met slijm, die voor de baarmoedermond zit en zo een extra barrière vormt tegen infecties. Het is een soort gelatineachtige substantie die kan loskomen als de baarmoedermond een beetje gaat wijken. Vaak zit er wat rood of bruin bloedverlies bij. U kunt de slijmprop in één keer verliezen of het kan geleidelijk gaan. U kan dan dagen wat slijmverlies hebben. Het verliezen van de slijmprop zegt niets over het moment wanneer uw gaat bevallen, u kan de slijmprop zelfs weken voor de bevalling verliezen.

 

Bloedverlies

Het is normaal dat er bij het opengaan van de baarmoedermond, tijdens de ontsluiting, wat bloed vrijkomt. Indien er sprake is van veel bloedverlies, of twijfelt u hierover, is dit een reden om te overleggen met uw verloskundige of gynaecoloog. Bespreek dit altijd even!