Prenataal onderzoek in de zwangerschap

Op basis van uw gezondheid, familiaire voorgeschiedenis en ziektegeschiedenis, zal door de zorgverlener die u bij de eerste controle ziet worden bepaald waar u de zorg voor de huidige zwangerschap het beste kunnen ontvangen;

  • bij de verloskundige buiten het ziekenhuis
  • gedeelde zorg tussen verloskundige en klinisch verloskundige en/of gynaecoloog
  • in het geval van een verhoogd risico voor de zwangerschap en/of geboorte, bij de klinisch verloskundige en/of gynaecoloog in het ziekenhuis

 

Echografie in de zwangerschap

Iedere zwangere vrouw krijgt een aantal echo's tijdens haar zwangerschap. Met echoscopisch onderzoek is het mogelijk om het kind zichtbaar te maken. Verder kunnen de organen die met een zwangerschap te maken hebben zichtbaar worden gemaakt zoals de baarmoeder, eileiders, eierstokken en baarmoederhals. Ook kunnen we bepaalde organen van de baby zien.

We maken hiervoor gebruik van ultrageluidsgolven, welke niet schadelijk zijn voor het ongeboren kind. Afhankelijk van de duur van de zwangerschap en de reden van het onderzoek kan gekozen worden voor een uitwendige echo (via de buikwand) of een inwendige (vaginale) echo.

Zie verder info over echo’s op

 

Prenatale testen

Combinatietest

Een combinatietest is een kansberekeningstest waarbij vroeg in de zwangerschap wordt onderzocht of er een verhoogde kans is op het syndroom van Down (trisomie 21), het syndroom van Edwards (trisomie 18), of het syndroom van Patau (trisomie 13). Het onderzoek brengt geen risico’s met zich mee voor uzelf of voor uw kind. De combinatietest bestaat uit twee onderzoeken:

  • Een bloedonderzoek bij de zwangere vrouw in de periode van 9 tot 14 weken van de zwangerschap. Bij dit onderzoek wordt wat bloed afgenomen en onderzocht in een laboratorium op 2 bloedeiwitten.
  • Een echo in de periode van 11+3 tot 14 weken van de zwangerschap. Bij dit onderzoek wordt de dikte van de ‘nekplooi’ van het kind gemeten. De nekplooi is een dun vochtlaagje onder de huid in de nek. Dit laagje vocht is altijd aanwezig, ook bij gezonde kinderen. Een verdikte nekplooi kan wijzen op een afwijking.
  • De uitslagen van bloedtest en nekplooimeting, in combinatie met uw leeftijd en de precieze duur van de zwangerschap, bepalen hoe groot de kans is op een kind met een trisomie 21, 18 of 13. Het onderzoek geeft dus geen zekerheid, maar is een kansberekening. Bij een verhoogde kans krijgt u een Niet Invasieve Prenatale Test aangeboden. Als deze NIPT test geen goede uitslag geeft, wordt er ook nog een vruchtwaterpunctie gedaan. Met dit vervolgonderzoek kan met zekerheid worden vastgesteld of uw kind een syndroom van Down, Edwards of Patau heeft of niet.

Zie ook op www.rivm.nl of op www.erfelijkheid.nl

 

NIPT

De NIPT (Niet Invasieve Prenatale Test) is een test waarbij het bloed van de moeder wordt gebruikt om in het laboratorium te testen of het ongeboren kind mogelijk trisomie 21, 18 of 13 heeft. Deze test heeft geen risico voor de zwangerschap. 


Het laboratorium onderzoekt het DNA in het bloed op chromosoomafwijkingen en kan zo bepalen of
het kind down-, edwards- of patausyndroom heeft. In het bloed van de zwangere zit DNA dat afkomstig
is van de placenta (moederkoek) en DNA dat afkomstig is van de moeder. Het DNA van de placenta is
bijna altijd hetzelfde als het DNA van het kind.

U kunt de NIPT laten doen vanaf 11 weken zwangerschap.

 

Wetenschappelijke studie

Vanaf 01 april 2017 kunnen alle zwangeren in Nederland kiezen voor de NIPT maar dat kan alleen als
u meedoet aan een wetenschappelijke studie (TRIDENT-2).

Waarom een studie? In het buitenland is al meer ervaring met de NIPT. Daar is gebleken dat de NIPT
een zeer betrouwbare test is. De minister wil nu laten onderzoeken of de test ook in Nederland goed werkt.
En wat vrouwen vinden van de NIPT. Als u kiest voor de NIPT geeft u toestemming dat onderzoekers uw
gegevens mogen gebruiken. Hiervoor tekent u een toestemmingsformulier.

Op www.meerovernipt.nl leest u meer over de wetenschappelijke studie en wat er gebeurt met uw gegevens.

Nevenbevindingen bij de NIPT

Het laboratorium kan ook andere chromosoomafwijkingen dan down-, edwards- en patausyndroom vinden
bij het kind, in de placenta (moederkoek) en zeer zeldzaam bij de zwangere zelf. Dat zijn dan nevenbevindingen.
U beslist zelf of u nevenbevindingen wilt weten. Er zijn verschillende soorten nevenbevindingen:
van heel ernstig tot minder ernstig. Om zeker te weten om wat voor nevenbevinding het gaat, is vervolgonderzoek nodig, meestal een vruchtwaterpunctie of een vlokkentest. Van alle 1000 zwangeren die kiezen voor de NIPT, krijgen ongeveer 4 vrouwen te horen dat er een nevenbevinding is.

Betaling

Vanaf 01 april 2017 kunt u op de website www.niptbetalen.nl informatie vinden over de betaling van de NIPT.
 

Kijk op www.onderzoekvanmijnongeborenkind.nl voor meer informatie over de NIPT en nevenbevindingen.

 

 

Vruchtwaterpunctie

Bij de vruchtwaterpunctie wordt via de buikwand een beetje vruchtwater afgenomen. De cellen in dit vruchtwater worden onderzocht op chromosoomafwijkingen.

  • Hoe lang duurt de ingreep? 15 tot 20 minuten
  • Wanneer kan ik de test laten doen? vanaf 16e zwangerschapsweek
  • Wie voert dit onderzoek uit? de gynaecoloog
  • Risico op miskraam? 0,3%
  • Wanneer is de uitslag bekend? De uitslag van een sneltest, voor trisomie (1 chromosoom te veel) 13, 18, 21 en geslachtschromosomen is na 3-5 werkdagen bekend, afhankelijk van de dag van de afname. Jullie krijgt 3 tot 7 werkdagen na de test telefonisch een uitslag.

Met deze test worden echter niet alle chromosomen onderzocht. Daarom krijgen jullie na 3 weken de definitieve uitslag van de vruchtwaterpunctie, na onderzoek van alle chromosomen.

http://www.prenatalescreening.nl

 

Vlokkentest

Bij de vlokkentest neemt de gynaecoloog via de vagina of via de buikwand een klein stukje placentaweefsel (moederkoek) weg. Dit wordt onderzocht op chromosomenafwijkingen.

  • Hoe lang duurt de ingreep? 15 tot 20 minuten 
  • Wanneer kan ik de test laten doen? vanaf 11e zwangerschapsweek

  • Wie voert dit onderzoek uit? de gynaecoloog

  • Risico op miskraam? 0,5%

  • Wanneer is de uitslag bekend? ca 5 - 10 dagen

http://www.prenatalescreening.nl

 

20 weken echo (Structueel Echoscopisch Onderzoek)

Alle zwangeren krijgen een structureel echoscopisch onderzoek (SEO) aangeboden. Dit onderzoek is een medische echo en geen 'pretecho'.

Het structureel echoscopisch onderzoek vindt bij voorkeur plaats bij een zwangerschapsduur tussen de 20-22 weken. Daarom wordt het ook wel de 20-weken-echo genoemd.

Bij dit echoscopisch onderzoek kijkt een echoscopist naar alle zichtbare organen en structuren van de baby, naar de groei van de baby en naar de hoeveelheid vruchtwater. Grote afwijkingen kunnen hierbij zichtbaar worden. Als er afwijkingen zichtbaar zijn op de echo worden jullie doorverwezen voor verder onderzoek.

Echo-onderzoek tijdens de zwangerschap is beslist niet verplicht. Veel ouders kiezen wel voor echo-onderzoek in de zwangerschap, maar niet iedereen wil nader onderzoek bij 20 weken. Als u overweegt de 20-weken echo te laten doen, dan heeft u vóór het onderzoek een gesprek met uw verloskundige, huisarts of gynaecoloog.

De informatie in de folder van het RIVM 'Informatie over het Structureel Echoscopisch Onderzoek' kan helpen bij de voorbereiding op dit gesprek.

Prenatale screening kan u geruststellen over de gezondheid van uw kind. Maar het kan u juist ook ongerust maken, en u voor moeilijke keuzes stellen. U bepaalt zelf of u de onderzoeken wilt en of u bij een ongunstige uitslag nog vervolgonderzoek wilt laten doen. U kunt op elk moment stoppen met het onderzoek. Er is een aparte folder over de prenatale screening op Downsyndroom.

Sinds 1 januari 2006 wordt deze echo door alle verzekeringsmaatschappijen vergoed.

De 20-weken-echo wordt afhankelijk van uw zorgverlener gemaakt bij het Verloskunde Centrum Oost Echopunt of bij het OLVG. De verloskundig zorgverlener zal aangeven wanneer u daarvoor een afspraak kunt maken.

U vindt meer informatie op de website van het RIVM, onder andere de brochure 'Twintig-wekenecho'.